Scorpion treedt uit de schaduw

Artikel: Gert-Jan D’Haene – foto’s: Malek Azoug – Vincent Bordignon – Erwin Ceuppens

Op 7 november 2018 ondertekenden Frankrijk en België een strategisch partnerschap voor een betere operationele samenwerking tussen de gemotoriseerde capaciteiten (CaMo) van beide landstrijdkrachten. Binnen dat project zullen ze heel wat gevechtssystemen vernieuwen en diepgaand samenwerken in verschillende ontwikkelingslijnen.

Met het CaMo-project heeft de Landcomponent dus een globale visie op zijn toekomstige gemotoriseerde capaciteit. Het meest zichtbare deel van het project is de aankoop van twee types pantservoertuigen. De gepantserde verkennings- en gevechtsvoertuigen Jaguar en de multirole pantservoertuigen Griffon is volop in ontwikkeling. Op 21 juli namen twee Griffon-pantservoertuigen deel aan het gemotoriseerde defilé. Zo kon het grote publiek al kennismaken met de moderne voertuigen die vanaf 2025 bij de Landcomponent hun intrede maken.

Het CaMo-project omvat echter veel meer dan enkel voertuigen aankopen. Tussen vandaag en de levering van het eerste voertuig zal de opstart van dit partnerschap stapsgewijs doorsijpelen in de dagelijkse werking. Die integratie verloopt volgens het Scorpion-programma, waar we verder in dit artikel nog op terugkomen. Met opleidingen, infrastructuuraanpassingen en gezamelijke oefeningen worden de militairen klaargestoomd om met verschillende internationale middelen te werken. CaMo omvat een compleet ‘systeem van systemen’ en een diepgaande samenwerking met Frankrijk als strategische partner. Dit project neemt verschillende ontwikkelingslijnen duchtig onder de loep, zoals doctrines, training, materieel, personeel en infrastructuur. Die aspecten zal het opwaarderen naar de toekomstige normen van de Landcomponent.

“In de toekomst kan een Belgisch detachement dus perfect binnen een Frans detachement tewerkgesteld worden, zonder extra voorbereidingen”

Het CaMo-contract zal er dus voor zorgen dat Belgische en Franse gemotoriseerde eenheden perfect uitwisselbaar worden. De term betekent in feite dat die interoperabiliteit op de laagste niveaus en op een ‘natuurlijke’ manier wordt bereikt, zonder toevoeging van extra ‘vertaalmodules’. In de toekomst kan een Belgisch detachement dus perfect binnen een Frans detachement tewerkgesteld worden, zonder extra voorbereidingen.

Elk land kan wel nog steeds autonoom zijn capaciteit inzetten. De operationele inzet blijft een soevereine nationale beslissing. De hoeksteen van dit partnerschap is het win-winprincipe: over het algemeen en op lange termijn zijn de voordelen voor de twee legers ten opzichte van elkaar in evenwicht.

Scorpion-programma

Het Scorpion-programma is een globaal programma dat alle capaciteiten van het Franse leger beïnvloedt. Er ging meer dan twintig jaar research aan vooraf om de tactische gevechtscapaciteiten van de landmacht te vernieuwen en te moderniseren.

De ruggengraat van het project is een systeem van netwerkradio’s: Système d’Information de Combat Scorpion of SICS. Dit concept gaat verder dan alles wat momenteel in Europa en zelfs binnen de NAVO ontwikkeld wordt. Dit informatie- en commandosysteem linkt alle navigatie-, beschermings-, observatie- en communicatiesystemen aan elkaar. Het garandeert dat al het verbonden personeel en wapensystemen de beschikbare informatie optimaal kunnen gebruiken en met elkaar delen. Tegelijk is het een hulpmiddel voor commandobeslissingen. Dankzij deze tool is de tactische commandant continu op de hoogte van de exacte tactische situatie van de uitgestegen secties. De grote troef van het Scorpion-programma is snelheid. Alle opdrachtorders en evacuatieverzoeken worden binnen een gegarandeerde tijd doorgestuurd, waardoor alle tactische acties drastisch sneller zullen verlopen.

“Het Système d’Information de Combat Scorpion (SICS) linkt alle navigatie-, beschermings-, observatie- en communicatiesystemen aan elkaar.”

Oefening Celtic Uprise

In het kader van het Camo-partnerschap stond in september een eerste grootschalige Franse-Belgische oefening op het programma. Ongeveer 900 militairen van beide landen namen in het zuiden van ons land deel aan de oefening Celtic Uprise. De samenwerking behelst immers zoveel meer dan enkele het materiële, dus is het belangrijk dat beide landen voortaan regelmatig samen het terrein induiken. Zo kunnen ze hun samenwerking concreet trainen, evalueren en analyseren. In die eerste fase van het lange project stemmen beide krijgsmachten hun doctrines en communicatie op elkaar af. Zo bereiden ze alvast hun troepen voor om over enkele jaren vlot met het nieuwe materieel te kunnen werken.

Defensie koopt dus niet louter voertuigen maar gaat een uniek en innovatief partnerschap aan om die capaciteit te moderniseren en te laten evolueren. Met het CaMo-dossier brengen België en Frankrijk de veelbesproken Europese defensiesamenwerking in de praktijk. Hopelijk kan dit in de toekomst als voorbeeld dienen voor de bouw van een meer Europees leger.

MWG
MWG
SNMG
SNMG