Eén divisie voor alle toekomstige capaciteiten

Artikel: Stijn Verboven – foto's: Christian Decloedt, Malek Azoug - illustraties: Kurt De Clercq

Defensie is sinds 19 mei een divisie rijker, of armer, het is maar hoe je het bekijkt. Die dag fuseerden namelijk de divisies Doctrines and Requirements van het stafdepartement Operaties en Training en Defense Development van het Stafdepartement Strategie. Samen vormen ze nu de divisie Integrated Capability Management (ICM): één enkele divisie die alle capaciteiten opvolgt van het prille begin tot ver in de toekomst, of met andere woorden: van de wieg tot het graf.

Tot onlangs hielden beide divisies zich bezig met het ontwikkelen en beheren van de capaciteiten van Defensie. De divisie Doctrines and Requirements deed dat echter op korte termijn, tot vijf jaar in de toekomst. Defense Development zag het dan weer op langere termijn, tot wel 25 jaar verder.

“De divisie Integrated Capability Management (ICM) volgt alle capaciteiten op van het prille begin tot ver in de toekomst.”

Wat doet die nieuwe divisie dan precies? Wanneer we praten over strategische concepten verzanden we al snel in theoretische taal en een indrukwekkende waslijst aan Engelstalige afkortingen. Laten we het daarom wat concreet proberen te maken. We bekijken een capaciteit die volledig nieuw is en waar het ICM enorm dicht bij is betrokken: het Special Operations Command. Dat SOCOM zal de toekomstige Special Operations Forces (SOF) en Special Operations Support Forces aansturen. Alle informatie hierover vind je in de Strategische Visie voor Defensie.

Juiste persoon op de juiste plaats

Toen beslist werd om een SOCOM op te richten, kwam de divisie ICM in actie. “We hebben meteen een Capability Team (CT) opgericht dat alles in goede banen moet leiden”, legt kolonel Ray De Loose uit, commandant van het ICM. “Zo hebben we er in totaal 23 (zie kader), een voor elke capaciteit van Defensie. Zo’n team wordt voorgezeten door de klant zelf, in dit geval de hoogste officier van het SOCOM-hoofdkwartier. Daarnaast bestaat het team uit vertegenwoordigers van het stafdepartement Operaties en Training, de algemene directie Material Resources (DG MR) en de algemene directie Human Resources (DG HR). Tot slot voegen we ook iemand van ICM toe aan dat team, in dit geval onze specialist Light Operations, evenals andere experten volgens behoefte.”

“Vanuit het ICM ondersteunen we dat team met alle middelen om zo efficiënt mogelijk te kunnen werken. We stellen bijvoorbeeld een Sharepoint-website ter beschikking en verzamelen relevante informatie van verschillende grote instellingen zoals de EU en de NAVO. Zo kan het team aan de slag om zijn toekomstplan uit te stippelen.”

Aan de slag

We hebben nu dus een team dat aan het werk kan. Dat doen ze volgens een NAVO-acroniem dat de meeste strategen bekend in de oren zal klinken, en de rest van ons waarschijnlijk doet fronsen: DOTMLPFI, waarbij elke letter staat voor een ontwikkelingslijn: doctrine, organisatie, training, materieel, leiderschap, personeel, faciliteiten en interoperabiliteit. Erg abstract allemaal, dus halen we er weer even het SOCOM-voorbeeld bij.

“Voor de doctrine zorgt het ICM zelf”, gaat kolonel De Loose verder. “We hebben bij de divisie iemand van de Special Forces Group (SFG) die mee is overgegaan naar het SOCOM-hoofdkwartier. Hij schrijft concepten en doctrines die uiteindelijk moeten bepalen hoe ze dat SOCOM precies willen vormgeven.”

“We werken in het team ook samen met mensen van DG HR om de organisatie van het SOCOM uit te tekenen. Hoe zitten de hiërarchische afhankelijkheden bijvoorbeeld in elkaar? Wat is de rol van het Hoofdkwartier Lichte Brigade? Wat zal de verhouding zijn tussen de twee paracommandobataljons en de SFG? Allemaal vragen die hier een antwoord moeten krijgen.”

“Ook op het vlak van training hebben we een heel traject uitgewerkt. Er bestaat al een training voor de paracommando’s, maar die moet bijgestuurd worden om er een Special Operations Task Force van te maken. Zij moeten namelijk speciale operaties kunnen ondersteunen, en dat vergt een bijkomende opleiding. Concreet willen we bijvoorbeeld twee paracommandocompagnies trainen om amfibische operaties te kunnen uitvoeren.”

“Er komt ook heel wat bij kijken op het gebied van materieel. Een van de methoden om de SF en de paracommando’s in te zetten is via parachutage. Dat betekent dat we moeten zorgen dat ons valschermpatrimonium in orde is. We moeten zorgen voor het correcte materiaal voor de amfibische operaties. We zullen ook investeren in nieuw communicatiematerieel – de zogenaamde BICES – zodat onze SF’ers over hetzelfde materieel beschikken als de meeste andere NAVO-landen. Op basis van de besluiten van het Capability Team SOCOM stelt het ICM in samenspraak met DG MR dan voorstellen tot aankoop op.”

“We moeten duidelijk aftekenen wie bij die operaties betrokken moet zijn en wie wat moet weten.”

Op het gebied van personeel is de Special Forces Group een bijzonder geval. “Een SF’er maak je niet van vandaag op morgen”, legt kolonel De Loose uit. “De SFG moet groeien en dat is een project van lange duur. Er is echter wel ruimte voor nieuwe initiatieven, zoals patrouille- en explosievenspeurhonden. Voor die opleiding werken we nu samen met de Duitse militaire hondenschool, waar net twee Belgische militairen en hun honden aan afgestudeerd zijn. Die plaatsen zijn gedeeltelijk voorbehouden voor SF-leden. Daarnaast moeten we de instroom bij de paracommandobataljons blijven verzekeren. Dat zijn allemaal zaken die we uitwerken in dialoog met DG HR.”

“We zijn ook aan het bekijken welke faciliteiten de toekomstige SOF nodig hebben, bijvoorbeeld qua trainingsinfrastructuur. We zoeken specifieke mogelijkheden voor doorgedreven trainingen in binnen- en buitenland, onder andere in zogenaamde skill houses.”

Een laatste luik waarmee de divisie Integrated Capability Management zich bezighoudt, is interoperabiliteit. “Belangrijk”, aldus kolonel De Loose. “Want speciale operaties zijn niet alleen een nationale gelegenheid. Onze special forces werken samen met hun Nederlandse collega’s, de Duitsers en zelfs de Amerikaanse Navy Seals. Daarnaast is er een interdepartementale samenwerking, want wij hebben veel raakvlakken met de speciale eenheden van de federale politie.”

Naar een coherent voorstel

De essentie van de divisie Integrated Capability Management is dus om er voor te zorgen dat een bepaalde capaciteit zich ontwikkelt op die acht lijnen. Zodra die krachtlijnen duidelijk zijn, stelt het Capability Team zijn bevindingen en aanbevelingen voor aan de Capability Transformation Steering Group (CTSG). Die stuurgroep wordt voorgezeten door de vice-CHOD en telt vertegenwoordigers van alle betrokken stafdepartementen, algemene directies en componenten. Pas wanneer de stuurgroep akkoord gaat met de weg die het ICM heeft uitgezet, wordt er ook daadwerkelijk tot actie overgegaan.

“We leggen nu de fundering van de toekomst van Defensie.”

“We leggen nu de fundering van de toekomst van Defensie,” besluit kolonel De Loose, “en de divisie ICM ligt mee aan de basis daarvan. Wij coördineren en synchroniseren al die ontwikkelingslijnen om te zorgen dat er geen achterblijft, want de zwakste schakel bepaalt je capaciteit. Als je het personeel niet hebt, gebeurt er niets. Als de legerleiding niet weet wat ze met een bepaalde capaciteit aankan, dan zet ze die ook niet in en gaat de capaciteit verloren. Daarom is er een projectplan nodig: precies waar het ICM aan werkt.”

De Capability Teams

Land

  1. Land Intelligence, Surveillance & Reconnaissance (ISR)
  2. Military Engineering
  3. Gemotoriseerde Capaciteit
  4. Land Ondersteuning
  5. Special Operations (SOCOM)

Air

  1. Air Command, Control, Communications, Computers, Intelligence, Surveillance & Reconnaissance (C4ISR)
  2. Airlift Fixed Wing
  3. Air Combat
  4. Rotary Wing
  5. Air Base Support

Naval

  1. Surface Combattant
  2. Maritime Mine Countermeasures (MCM)
  3. Coastal Security
  4. Harbour Protection

Inform

  1. Joint Intelligence & Security
  2. Joint Space
  3. Joint Cyber
  4. Joint Strategic Communications (StratCom)
  5. Joint Communication & Information System Support

Protect

  1. Joint Chemical, Biological, Radiological & Nuclear Defence
  2. Force protection

Support

  1. Medical Support
  2. Joint Logistic Support