There goes my people. I must follow them, for I am their leader.

Mahatma Gandhi (Indiaas politicus, 1869 – 1948)

Philip VAN IMPE

“Daar gaat mijn volk. Ik moet hen volgen, want ik ben hun leider.” Eigenlijk is Mahatma Gandhi, één van de grote politieke leiders uit de 20ste eeuw, niet de vader van deze quote maar wel een Frans politicus uit de 19de eeuw. Maar dankzij Gandhi werd ze wel beroemd en inspireerde ze andere grote politieke leiders, zoals Martin Luther King en Nelson Mandela. In de quote schuilt iets paradoxaals. Is het niet zo dat het volk de leider volgt en niet andersom? Wat Gandhi bedoelde, was dat hij de wens van het Indiase volk om onafhankelijk te worden, tot 1947 was India een Britse kolonie, begrepen had en daarin zijn volk volgde. Op de moeilijke weg naar zelfbestuur, diende hij de Indiërs met een totale overgave, waarbij hij hun belangen steeds liet primeren op zijn eigenbelang. De wereld reageerde geschokt toen hij kort na de Indiase onafhankelijkheid door een extremist vermoord werd.

Gandhi belichaamt als geen ander het dienend leiderschap. Maar het concept van het dienend leiderschap is wellicht zo oud als de mensheid zelf. De Bijbel vertelt het verhaal van Mozes die de opdracht had om zijn volk door de woestijn naar het beloofde land te leiden. Mozes voerde die uitputtende opdracht uit maar hij stierf vlak voordat zijn volk dit land bereikte. Eveneens in de Bijbel kan men lezen dat Jezus de voeten van zijn apostelen waste als teken van dienstbaarheid en nederigheid.

Dienend leiderschap heeft dus altijd bestaan, maar het concept werd pas in 1970 beschreven door de Amerikaan Robert Greenleaf in zijn befaamd essay “Essentials of Servant Leadership”. Het was nog wachten tot het begin van deze eeuw vooraleer het wetenschappelijk onderzoek naar de kenmerken en het gedrag van ‘dienende leiders’ op gang kwam. Uit dit onderzoek blijkt dat dienend leiderschap een versterkend effect heeft, niet alleen op het team of de groep, maar ook op de individuele leden ervan. Bovendien blijkt dat dienende leiders in elk type organisatie voorkomen. Uit de modellen en theorieën over het dienend leiderschap, kunnen een aantal gemeenschappelijke kenmerken gedestilleerd worden.

Er is een brede consensus dat dienend leiderschap ontstaat wanneer leiders zich onbaatzuchtig ten dienste stellen van hun medewerkers. Zoals bij Gandhi staat het welzijn van zowel de groep als zijn individuele leden steeds voorop. Dat welzijn slaat op alle facetten die de performantie van de groep kunnen beïnvloeden.

Dienende leiders hebben een sterk ethisch besef. Ze zijn altruïstisch ingesteld, wat wil zeggen dat ze willen helpen zonder er een eigen agenda op na te houden. Ze willen een meerwaarde betekenen voor hun medewerkers. Ze zijn ook sterk empathisch. Dat wil zeggen dat ze zich sterk kunnen inleven in de argumenten, gevoelens en verwachtingen van anderen. Dat inlevingsvermogen uit zich dan ook in een echte luisterbereidheid. Dienende leiders hoeven niet noodzakelijk charismatisch of uitstekende communicatoren te zijn. Dikwijls zijn het rustige mensen, die een zekere bescheidenheid vertonen. Door hun voorbeeldgedrag bouwen ze een leiderschap op dat steunt op een sterk moreel gezag en minder op formele macht. Formele macht zullen ze eerder naar buiten toe uitoefenen om de belangen van hun team of groep te vrijwaren.

Hoe staat onze organisatie tegenover dienend leiderschap? In de Visie op Leiderschap komt het concept van het dienend leiderschap ruim aan bod. Er staat dat het essentieel is dat leiders zich ten dienste stellen van hun medewerkers en niet omgekeerd. Onze Visie benadrukt dat Defensie leiders wil die sterk ethisch bewust zijn en voorbeeldgedrag tonen. Dienende leiders bij Defensie dragen zorg voor de groepscohesie. Ze beseffen dat een sterke groepscohesie een positieve impact heeft op het moreel en de motivatie.

Daarom willen ze ook een klimaat creëren van onderling vertrouwen en luisterbereidheid waarin de unieke bijdrage van elke medewerker wordt gewaardeerd. Ze waken erover dat de middelen beschikbaar zijn om comfortabel en veilig te werken. Maar ook het psychosociaal welzijn van hun medewerkers is prioritair. Dienende leiders zorgen daarbij voor duidelijke gedragsregels en doen alles om elke vorm van grensoverschrijdend gedrag te voorkomen. Maar wellicht het belangrijkste wat ze doen, is met hun medewerkers een band van wederzijds vertrouwen opbouwen en zelfs versterken. Dat doen ze door hen de persoonlijke aandacht te geven die ze nodig hebben om te excelleren. Ze kennen de behoeften, capaciteiten en verwachtingen van hun medewerkers en zetten zich in voor hun persoonlijke ontwikkeling.

Leidinggevenden die denken dat dienend leiderschap niet voor hen is weggelegd, vergissen zich. Dienend leiderschap is ontwikkelbaar. Het competentiewoordenboek van Defensie bevat een aantal competenties die verwijzen naar dienend leiderschap. Dat de generieke competenties (samenwerken, flexibel zijn, respecteren van anderen, loyauteit tonen en integer handelen) voldoende ontwikkeld moeten zijn, staat buiten kijf. Wie trouwens inzoomt op ‘loyauteit tonen’, vindt het basisprincipe terug van het dienend leiderschap: de belangen van het team primeren steeds boven de persoonlijke belangen… Maar er zijn nog andere competenties die verband houden met dienend leiderschap, zoals het voorbeeld geven, motiveren en ook deze fundamentele competentie: de ontwikkeling van anderen bevorderen.

Dit leesstuk begon met Gandhi’s wereldberoemde citaat. We eindigen met een andere, veel geciteerde quote waarvan de auteur onbekend is, maar die wel beschouwd wordt als het devies van de dienende leider:

If serving is beneath you, leadership is beyond you!
Rekrutering en selectie in corona
Rekrutering en selectie in corona
HRC toont de weg
HRC toont de weg
De KMS in coronacrisis
De KMS in coronacrisis
DG HR in JOPG Covid-19
DG HR in JOPG Covid-19
Emma en Lucas
Emma en Lucas